Opa Gerard (92), vader Rik (64) en kleinzoon Joshua (40) staan samen op één expo: ‘Tekenen was onze manier van communiceren’
© Jeanine Meek/DCI Media
Vader, zoon en kleinzoon Gerard (92), Rik (64) en Joshua van Iersel (40) zijn alle drie kunstenaar. Samen exposeren ze bij de Pennings Foundation in Eindhoven. In een levendig gesprek leggen ze jeugdherinneringen naast elkaar. ‘Dat hoor ik nou pas voor het eerst!’
Het is aan Rob Schoonen, oud-kunstredacteur van het Eindhovens Dagblad, te danken dat het werk van de drie voor het eerst in één expositie te zien is. „Ik zou heel graag willen weten wat nou dat kunstenaarsgen is van de familie Van Iersel, dat doorgegeven is van opa op vader op kleinzoon”, zegt hij.
Hij trok meer dan een jaar met de mannen op, bezocht hun ateliers en maakte een selectie uit de vele schilderijen, sculpturen en animatievideo’s. De tentoonstelling Three of a kind is te zien bij de Pennings Foundation en bij Salon Veneman verderop aan de Geldropseweg in Eindhoven.
Knokken op het schoolplein
Joshua: „Bij Veneman hangt mijn favoriete werk van de expo. Het is 2 bij 2,65 meter, en is van opa. Echt een knal van een voltreffer, uit mijn geboortejaar 1986. Ik werk heel anders, maar ook vaak op lekker grote formaten.”
Rik herinnert zich hoe anderen op zijn ouderlijk huis reageerden: „Als kinderen van school bij ons thuis kwamen, zagen ze van die abstracte schilderijen in de kamer hangen, waar ik dan vol trots over vertelde. Maar ze konden er helemaal niks mee. Op het schoolplein was het vaak knokken, ik hoorde er niet bij.”
Gerard: „O ja? Dat hoor ik nou pas voor het eerst!”
Rik: „Zij vonden mijn ouders vreemd, maar voor mij was het huis met de ateliers, waar altijd de geur van sigaretten en terpentijn hing, gewoon mijn decor.”
Gerard: „Als Rik uit school kwam riep hij al vanuit de tuin waar hij zijn fiets neerzette: ‘Mama!’ en ging meteen naar het atelier van mijn vrouw [Nathalie van den Eerenbeemt, 1939-2010, red.]. Zij had de deur altijd openstaan.”
Rik: „Mijn moeder had een pick-up in haar atelier. Met soulplaten uit Amerika, alles van The Beatles. En veel Bob Dylan. Zij zette een plaat op, waar ik me helemaal op kon focussen. En dan ging ik tekenen. Dat deed ik voortdurend, ook op school, een beetje dwangmatig. Ik was druk en kon niet goed leren. Niet lezen, niet rekenen, geen noten lezen, het was verschrikkelijk. Luisteren en tekenen lagen voor mij heel dicht bij elkaar. Intussen zag ik hoe mijn moeder aan het schilderen was.”
Gerard: „De kinderen namen weleens vriendjes mee en dan zetten we ze achter een blok klei. Thuis mochten ze dat niet. Die mochten niet vies worden. Onze kinderen gingen gelijk dingen boetseren, maar die kinderen zaten te prutsen met die klei! En als ze hun handen dan niet schoon kregen, gingen ze jammeren dat hun moeders boos zouden worden.”
Rik: „Als ik weer eens een tekening mee naar huis nam uit school, omdat ik een proefwerk niet gemaakt had, keken mijn ouders daar serieus naar. Tekenen was een manier waarop wij met elkaar communiceerden.”
Jaloersmakend
Joshua: „Dat moment van uit school komen, was voor mij vrijwel identiek. Alleen stond er dan Frank Zappa op en was het allemaal iets meer punky in huis. Ik heb veel gelachen met papa, en we zaten vaak samen te tekenen.”
Rik: „Jij was socialer dan ik vroeger, je bracht vaak reuring mee. Maar als jij dan ging zitten tekenen, zaten de vriendjes al snel ook allemaal te tekenen.”
Joshua: „Ik vind het werk van mijn pa altijd bijzonder mooi. Ik ben echt fan.”
Rik: „Ik vind het dan weer jaloersmakend hoe ik Joshua zie groeien, hoe hij zijn beeldtaal ontwikkelt. Dat is heerlijk om naar te kijken.”
Joshua: „Toen ik een van mijn eerste opdrachten met een deadline had heb jij mij ook echt geholpen. Tips die je me toen gegeven hebt, gebruik ik nu nog steeds.”
Rik: „Als kind zat jij weleens te tekenen en dan hoorde ik je boze geluiden maken. Dan wist ik dat je vastliep. Dan kon ik je helpen om bijvoorbeeld de neus van een stripfiguurtje recht te zetten.”
Joshua: „Voor opa was dat denk ik anders, zijn ouders waren geen kunstenaar toch?”
Rik: „Zijn vader, mijn opa, was horlogemaker hier op het Stratumseind. Hij restaureerde ook schilderingen op wijzerplaten van klokken. En hij had oog voor kunst. Vaak bracht hij lopend bestellingen naar klanten, met de kleine Gerard aan zijn hand. Als hij dan langs een huis kwam waar hij een mooi schilderij zag hangen, belde hij aan. Om te vragen of hij en Gerard daar even naar mochten kijken.”
Joshua: „Die eerste flats op het doek, soms twee, drie meter in één beweging. Ik denk dat we dat zeker gemeen hebben. Dat fysieke, dat vind ik geweldig. Dat je voelt, net als bij een punknummer: dit is exact wat er uit moest.”
https://www.ed.nl/eindhoven/opa-gerard-92-vader-rik-64-en-kleinzoon-joshua-40-staan-samen-op-een-expo-tekenen-was-onze-manier-van-communiceren~ac7a05f8/